De Grijze Ezel, koppig voor ouderen

koppig voor ouderen
Gestart op 14 april 2020, regelmatig opgeschoond, voorjaar 2023 volgende grote herziening.

Recente post voorop.Vaste pagina's op thema erachter.
Zie de gele navigatiebalk bovenaan
Koppeling met de archieven van Grijze Ezel en contactblad Senior.
Meer achtergronden en verdieping.
Zie de navigatiekolom rechts.
Oudere post kun je ook opzoeken.
Overzicht aan de rechterkant onderaan.

Op de mobiel, gebruik deze dwars, rol naar beneden en klik op Internetversie weergeven.

Focus op ouderen, hun mantelzorgers en verzorgers.

HryMenu

dinsdag 11 mei 2021

Weekcijfers RIVM: mogelijk minder dan 50.000 coronagevallen

In de afgelopen week zijn mogelijk minder dan 50.000 nieuwe coronagevallen vastgesteld en doorgegeven. Het zou voor het eerst sinds begin april zijn dat het aantal positieve tests onder die grens blijft.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) komt dinsdag met het exacte weekcijfer. Vorige week meldde het instituut dat het in de zeven dagen ervoor iets meer dan 52.000 meldingen van positieve tests had gekregen. Dat komt neer op gemiddeld 7441 gevallen per dag.

In de zes dagen erna zijn 41.579 nieuwe gevallen aan het licht gekomen, gemiddeld bijna 6930 per dag. Dat betekent dat het weekcijfer rond de 48.500 zou kunnen uitkomen.

In de wekelijkse update becijfert het RIVM ook hoeveel mensen in de afgelopen week zijn opgenomen in ziekenhuizen vanwege Covid-19, de ziekte die door het coronavirus wordt veroorzaakt. Vorige week ging het om 1633 nieuwe ziekenhuisopnames, van wie 377 op een intensive care kwamen te liggen. Dat was minder dan in


de week ervoor. Verder meldt het RIVM dinsdag hoeveel mensen zijn overleden aan de gevolgen van hun coronabesmetting. Vorige week meldde het instituut 128 sterfgevallen, de week ervoor 129. Dat aantal is nu mogelijk opgelopen richting de 150.

Verder berekent het RIVM dinsdag het nieuwe reproductiegetal. Dat gebeurt twee keer per week. Afgelopen vrijdag stond het op 0,93. Dat betekent dat de uitbraak langzaam kan doven. Het RIVM kijkt standaard ongeveer twee weken terug in de tijd, omdat het anders geen betrouwbaar cijfer kan geven. Het reproductiecijfer van 0,93 slaat dus op de situatie zoals die op 22 april was.

Bron ANP 210511

vrijdag 7 mei 2021

Reproductiegetal coronavirus daalt nog verder

Het coronavirus verspreidt zich nog langzamer door Nederland. Het zogeheten reproductiegetal is verder gezakt, van 0,94 naar 0,93. In de voorgaande dagen stond het cijfer zelfs op 0,91 en dat is het laagste peil sinds eind januari.


Als het reproductiegetal onder de 1 ligt, kan de uitbraak langzaam doven. Hoe verder het boven de 1 komt, hoe meer mensen besmet raken. In dat geval kan het aantal gevallen steeds sneller oplopen.

Twee keer per week, op dinsdag en vrijdag, berekent het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) het reproductiegetal. Daarbij kijkt het instituut standaard ongeveer twee weken terug in de tijd, omdat het anders geen betrouwbaar cijfer kan geven. Het reproductiegetal van 0,93 slaat op de situatie zoals die op 22 april was. Op 20 en 21 april was het getal 0,91.

Bron; ANP 210507

zondag 2 mei 2021

KBOPCOB: Wetsvoorstel samenwerking ouderenzorg sympathiek, maar nog niet voldoende

Wetsvoorstel samenwerking ouderenzorg nog niet voldoende

De bedoelingen van het concept- wetsvoorstel zijn zonder meer sympathiek. Het idee van de wet die minister De Jonge (VWS) wil indienen is de samenwerking tussen organisaties in de verschillende onderdelen (‘domeinen’) van de ouderenzorg verbetert. Of het ingewikkelde plan er daadwerkelijk toe gaat leiden dat er meer en beter wordt geïnvesteerd in preventieve maatregelen waardoor senioren langer thuis kunnen blijven wonen, moet echter nog blijken. Dit heeft KBO-PCOB deze week naar voren gebracht in reactie op een internetconsultatie over het voorstel. Gemeenten worden er nog te weinig toe aangezet om hun ondersteuning aan senioren te verbeteren.

Schotten zitten goede zorg in de weg

Belanghebbenden konden tot 20 april hun mening kenbaar maken aan het ministerie van VWS over een ontwerp–wetsvoorstel van minister De Jonge om te komen tot domein-overstijgende samenwerking in de langdurige zorg. Ouderen ondervinden er al jaren hinder van dat de langdurige zorg is opgesplitst in verschillende onderdelen (‘domeinen’), die worden uitgevoerd door verschillende organisaties: de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) door gemeenten, de wijkverpleging door ziektekostenverzekeraars en de Wet langdurige zorg (Wlz; hieronder vallen de verpleeghuizen) door zorgkantoren.
Omdat deze organisaties in de zorg vastzitten aan de belangen en verplichtingen binnen hun specifieke domein, is er te weinig aandacht voor het bredere belang van senioren. Ouderen hebben dikwijls te maken met verschillende vormen van zorg vanuit de diverse domeinen, die helaas te weinig op elkaar aansluiten.
Dit wordt ook wel ‘schottenproblematiek’ genoemd. Preventieve investeringen die mensen kunnen helpen langer thuis te blijven wonen, komen hierdoor bijvoorbeeld onvoldoende van de grond. De uitvoeringsorganisaties in de zorg hebben er ofwel geen financieel belang bij om hier geld in te steken, ofwel zij mogen hier volgens de wet niet eens in investeren.

Goed dat er een voorstel ligt

Het ontwerp-wetsvoorstel van minister De Jonge is bedoeld om iets aan dit probleem te doen – alleen dit al verdient naar de mening van KBO-PCOB waardering. De minister stelt onder andere voor om voortaan toe te staan dat zorgkantoren samen met andere partijen mogen investeren in zorg buiten hun eigen Wlz-domein. De gedachte is dat ouderen op die manier in staat worden gesteld langer op een goede manier thuis te blijven wonen, buiten de Wlz.

Laat ook gemeenten alles uit de kast halen

Maar hoewel de bedoelingen goed zijn, heeft KBO-PCOB twijfels over of het ingewikkelde plan de zorg ook echt in beweging zet. Marcel Sturkenboom (directeur KBO- PCO): “Gemeenten halen nog lang niet alles uit de kast om thuiswonende senioren te ondersteunen. Waarom belonen we gemeenten niet als dit tot goede resultaten leidt, en rekenen we ze er niet op af als ze het laten afweten?” Het wetsvoorstel richt zich nu nogal eenzijdig op het betrekken van zorgkantoren.

Hoe verder?

Minister De Jonge heeft zijn wetsvoorstel over domein- overstijgende samenwerking nog niet ingediend bij de Tweede Kamer. Het ministerie van VWS gaat nu eerst kijken naar de reacties die zijn binnengekomen van maatschappelijke organisaties, waaronder KBO-PCOB.

Bron: KBPPCOB 210430

donderdag 22 april 2021

Piek in ziekenhuizen over 1 à 2 weken

Van Dissel: piek in ziekenhuizen over 1 à 2 weken

De bedbezetting in de ziekenhuizen door coronapatiënten bereikt volgens RIVM-berekeningen over één à twee weken een piek. Dit heeft directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding Jaap van Dissel bij het RIVM donderdag gezegd tijdens een presentatie aan Tweede- Kamerleden.

Hij benadrukt dat de modellen wel “forse onzekerheden” kennen, dus de piek zou zich ook later kunnen voordoen en hoger kunnen zijn dan het instituut nu voorziet.

Van duidelijke afname geen sprake

De instroom van coronapatiënten in de ziekenhuizen “lijkt af te vlakken” en het aantal besmettingen stabiliseert, constateert Van Dissel, maar van een duidelijke afname is echter nog geen sprake, zei hij.

Nieuwe fase

Volgens Van Dissel is “een nieuwe fase” aangebroken: “Het virus botst steeds vaker op tegen iemand die het al heeft gehad, of die is gevaccineerd. Tot nu toe was het zo dat een afname alleen werd veroorzaakt door strengere maatregelen. Nu komt het door opbouw van immuniteit.”

Vaccinatie

De effecten van de vaccinatiecampagne beginnen volgens de OMT-voorzitter steeds duidelijker zichtbaar te worden. Hij wees op cijfers waaruit blijkt dat ouderen in de hoogste leeftijdsgroepen het virus nauwelijks nog oplopen. (ANP)

Bron: Skipr 210422

dinsdag 20 april 2021

Somberheid over houdbare ouderenzorg

Somberheid over houdbare ouderenzorg

Vanwaar deze zorgen? Het rapport ‘Houdbare ouderenzorg – Lessen en ervaringen uit andere landen’, van onderzoekers van Leyden Academy on Vitality and Ageing, IQ Healthcare Radboudumc en Erasmus School of Health Policy & Management bracht me tot deze sombere gedachte. Het rapport vormt een achtergrondstudie voor het WRR-advies Houdbare Zorg. Het schetst hoe Denemarken, Duitsland, Japan en het Verenigd Koninkrijk met vergrijzing omgaan. Een mooi rapport, dat niet de oplossing biedt voor wélke richting we voor de ouderenzorg zouden moeten kiezen, maar vooral hóe we richting moeten kiezen.

Wicked problem

Even een beetje context vooraf. Japan en Duitsland zijn qua vergrijzing een stuk verder dan Nederland. Denemarken en het VK zitten een beetje op hetzelfde niveau. Nederland heeft de hoogste publieke uitgaven, maar heeft relatief lage eigen bijdragen. Denemarken heeft een sociaaldemocratisch stelsel, Duitsland en Japan een meer corporatistisch model en het VK is een liberale verzorgingsstaat. Dat betekent dat in het ene land (Denemarken) de overheid vooral aan zet is, in andere landen maatschappelijke partijen als werkgevers en werknemers en verzekeraars (Duitsland, Japan) en dat de marktwerking dominant is in het vierde land (Verenigd Koninkrijk).

Geen van de systemen kan één op één model staan voor Nederland.

Overal heeft de centrale overheid een regulerende taak en zijn er collectieve maatregelen en solidariteit. Overal zijn er ook vormen van marktwerking. Vraagstukken rond betaalbaarheid, arbeidsmarkt, kwaliteit, gelijke toegang en maatschappelijk draagvlak spelen in elk stelsel. Geen van de systemen kan één op één model staan voor Nederland, zo stellen de auteurs. De houdbaarheid van de ouderenzorg is een ‘wicked problem’. Het is ingewikkeld en er is niet één oplossing voor.

Gekibbel

Waarom maakt het rapport mij somber? Het rapport laat zien dat de stelsels in de diverse landen in een decennialange transformatie tot stand zijn gekomen, voortbouwend op gedeelde maatschappelijke en culturele waarden. En wanneer het roer om moet, zoals in Japan rond het jaar 2000, dan nemen ze daar jaren voor. Ze zetten het maatschappelijk ‘in de week’ en bereiden de koerswijziging zorgvuldig voor. Niet één big bang, maar geleidelijk bijsturen om zó de systemische tanker van de ouderenzorg geleidelijk van koers te veranderen.

Politieke systeem

Alleen bij de Britten (in het bijzonder Engeland) lukt dat niet. ‘De zwakste schakel in dit systeem lijkt ons het politieke systeem, dat in plaats van datgene te continueren waarover de partijen al overeenstemming hebben bereikt, telkens weer opnieuw begint, namelijk een nieuwe commissie in het leven roepen, een nieuw rapport schrijven en nieuwe onderhandelingsrondes voeren, totdat de regeringstermijn afloopt’, zo schrijven de onderzoekers.

Al die rapporten dienen vooral als legitimering van het gekibbel.

Het mag duidelijk zijn wat de parallel is met de Nederlandse situatie, zeker na het recente echec van de kabinetsformatie en de voortdurend kibbelende toon waarin politici in ons land debatteren, nu door maar liefst zeventien politieke partijen. Gelukkig hebben we de ambtenaren nog, zou ik haast denken! En al die rapporten dienen vooral als legitimering van het gekibbel. Voor iedereen staat er wel iets welgevalligs in en als dat niet zo is, komt er wel een volgend rapport, zo denk ik wel eens in een cynische bui.

Keuzes

Hoe dan wel? Ik denk dat we een fundamenteel debat moeten voeren over de uitgangspunten van de zorg voor de komende decennia. De recente raadplegingen rond onder meer ‘Zorg voor de toekomst’ gaan vooral over oplossingen en niet over de onderliggende uitgangspunten en waarden. Het rapport ‘Houdbare ouderenzorg’ laat vanuit een internationaal perspectief zien dat de keuze voor het één gevolgen heeft voor het ander.

Kies je voor professionele zorg als vertrekpunt of informele zorg?

Ik schets een paar keuzes, die tegelijkertijd dilemma’s zijn. Kies je bijvoorbeeld als samenleving voor veel collectieve financiering of veel eigen betalingen? Linksom of rechtsom, burgers moeten toch voor zorg betalen, of het nu via belastingen, premies of out-of-pocket gaat. Het maakt wel uit welke keuze voor solidariteit daaronder zit. Kies je voor professionele zorg als vertrekpunt of informele zorg? Die keuze maakt uit voor de arbeidsparticipatie van – nog steeds – vrouwen, voor de maatschappelijke inrichting (bijvoorbeeld kinderopvang) en financiële tegemoetkomingen van mantelzorgers.

Kies je voor veel zorg thuis of veel intramurale zorg? Voor veel langdurig verblijf van ouderen in ziekenhuizen of in verpleeghuizen? Daar waar weinig of dure verpleeghuiszorg is, lijkt er veel meer ziekenhuiszorg nodig te zijn (Duitsland, Japan, Engeland). Wil je het arbeidsmarktvraagstuk oplossen door steeds hogere salarissen te betalen (en burgers meer premie en belasting te laten betalen en andere maatschappelijke sectoren met een werknemerstekort op te zadelen) of ga je, zoals in de andere landen ook buitenlandse medewerkers aantrekken?

Elke keuze die je maakt heeft een uitwerking op andere elementen in het systeem.

Kiezen we voor marktwerking als prikkel voor goede en efficiënte zorg of worden het een paar publieke aanbieders die lange termijn continuïteit mogen bieden? Willen we betaalbaarheid regelen door minder volume, lagere tarieven, budgetteren of marktwerking? En krijgt centraal of decentraal het voor het zeggen? Elke keuze die je maakt heeft een uitwerking op andere elementen in het systeem. Het is een soort waterbed dat nooit rustig zal zijn.

Normatieve keuzes

Wat de lessen uit het buitenland laten zien, is dat we deze vraagstukken vanuit een maatschappelijk debat moeten aanpakken. Wat zijn de normatieve keuzes die we als samenleving maken? Vandaaruit kunnen we naar beleidsmatige en operationele keuzes. Het is verstandig daarbij de ‘maatschappelijke houdbaarheid’ scherp in het vizier te houden. Het is nodig een lange termijnkeuze te hebben die we vasthouden, de stappen telkens goed voorbereiden en dan tussentijds evalueren en bijsturen. Kortom, eerst denken, dan doen. En niet te snel met oplossingen komen. Hoe meer oplossingen, hoe meer zorgen ik me maak.

Tja, en dan schrijf ik zo’n stukje met oplossingen......!

Deze blog is afkomstig van de website Guusschrijvers.nl

Bron: Vilans Henk Nies 210420

Covid-19 Stap 1


 

dinsdag 13 april 2021

WHO: pandemie groeit exponentieel

WHO: we zitten op kritiek punt, pandemie groeit exponentieel



Terwijl uit onderzoek van I&O Research blijkt dat 
60 procent van de Nederlanders wil dat de coronamaatregelen worden versoepeld, luidt de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) de noodklok. “We zitten op een kritiek punt in de pandemie”, stelt epidemioloog Maria Van Kerkhove van de WHO. Volgens haar hebben mensen een ‘reality check’ nodig. Zie  publicaties WHO

Het aantal besmettingen groeit weer exponentieel. Voor de zevende week op rij is er sprake van een wereldwijde toename. In de afgelopen week werden er meer dan 4,4 miljoen nieuwe besmettingen gemeld. Europa heeft officieel de meeste nieuwe infecties: ruim 1,6 miljoen. “Een jaar geleden hadden we wereldwijd ongeveer 500.000 gemelde gevallen per week. Dit is niet de situatie waar je in wilt zitten in de zestiende maand van de pandemie.”

We kunnen op dit moment niet alleen op vaccinaties vertrouwen om covid-19 te verslaan, waarschuwde Van Kerkhove maandag tijdens een persconferentie. De epidemioloog roept overheden op om burgers te ondersteunen bij het nemen van maatregelen om de verspreiding van het virus tegen te gaan.

Afgezien van het handen wassen en mondkapjes dragen, blijft ook afstand houden belangrijk, aldus de WHO- expert. Verscheidene landen draaien de coronamaatregelen dezer dagen terug of maken plannen om dat op korte termijn te doen.

Bron: Skipr 210412

zaterdag 10 april 2021

Versoepeling coronamaatregelen getemperd

De Jonge wil verwachtingen temperen voor versoepeling coronamaatregelen

Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) wil de verwachtingen temperen over mogelijke versoepelingen van de coronamaatregelen, zei hij vrijdagavond bij het RTL-programma BEAU.

Eerder deze week lekte uit dat het kabinet werkt aan een plan om de samenleving weer te openen. Tegelijkertijd worden er deze maand allerlei evenementen georganiseerd waar mensen toegang tot kunnen krijgen als ze negatief zijn getest.

Maar De Jonge waarschuwt voor al te veel optimisme. "We zijn bezig met een openingsplan, we moeten perspectief bieden", aldus de minister. "Maar het moment dat de buitenwereld lucht krijgt van dat plan werd gedacht 'holadijee, bloemetjes buiten'. Maar in het zicht van de haven moeten we geen domme dingen doen."

De Jonge snapt dat de zorgsector met huiver reageert op mogelijke versoepelingen. "Die denken: 'versoepelingen? Houd eens op. Kijk eens om je heen'."

Voordat de nieuwe plannen uitlekten zei De Jonge ook al dat hij wil waken voor het beeld dat alles weer kan. Volgens hem kunnen met toegangstesten dingen gedaan worden "die eigenlijk nog te spannend zijn" met de huidige besmettingscijfers.

"We moeten niet de conclusie trekken: oh, het gaat dus kennelijk alweer beter, want we kunnen weer van alles. Nee, zover is het helaas nog niet", waarschuwde De Jonge afgelopen dinsdag.

Derde golf volgens minister waarschijnlijk lager

Er liggen 2.500 coronapatiënten in de ziekenhuizen, zegt de minister vrijdag in BEAU. "750 op de intensive care, elke dag meer, de laatste dagen lopen de cijfers weer op. We denken we dat de derde golf lager zal zijn, maar we zijn nog niet over de piek heen."

De Jonge wil niet op de besluitvorming vooruitlopen van dinsdag, als er weer een nieuwe persconferentie wordt gehouden. "Maar ik wil wel toevoegen dat we geen domme dingen gaan doen voor de zorg."

Bron: Nu 210409

donderdag 8 april 2021

Link tussen zeldzame trombose en AstraZeneca-vaccin

EMA bevestigt officieel link tussen zeldzame trombose en AstraZeneca-vaccin

De veiligheidscommissie van het Europees Medicijn Agentschap (EMA) heeft zojuist in een officiële verklaring laten weten dat er een relatie bestaat tussen het optreden van zeldzame trombose met stollingsproblemen en de vaccinatie met het AstraZeneca-vaccin.

De veiligheidscommissie (PRAC) concludeert dat het optreden van bloedklontering samen met een lage concentratie van bloedplaatjes een zeldzame complicatie is bij het AstraZeneca vaccin. Het vaccin heet inmiddels ‘Vaxzevria’.

De PRAC merkt op dat de zeldzame vorm van trombose kan ontstaan in hersenvaten en de onderbuik, zowel in aders als in slagaders. Dit gaat samen met lage concentraties aan bloedplaatjes en soms bloedingen.

Omdat het volgens EMA gaat om een uiterst zeldzame complicatie, blijft het oordeel over Vaxzevria positief en ‘wegen de voordelen op tegen de nadelen’.

Hersentrombose

De commissie heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar aanleiding van 62 gevallen van hersentrombose en 24 gevallen van trombose in buikaders. In achttien gevallen overleefden de patiënten dit niet. De meldingen hiervan zijn binnengekomen via de EU medicatieveiligheidsdatabase (EudraVigilance). Het betreft gevallen zowel in Europa als in het Verenigd Koninkrijk. Rond 25 miljoen mensen hadden het vaccin toen gekregen. Tot 4 april 2021 zijn in totaal 169 gevallen gemeld van hersentrombose en 53 gevallen van trombose in de onderbuikvaten. Op dat moment waren er 34 miljoen mensen gevaccineerd in Europa en het VK. Deze meer recente data veranderen het oordeel van de EMA niet.

Jonger dan 60

Tot nu toe zijn er nog geen specifieke risicofactoren gevonden voor het ontstaan van de zeldzame complicatie. De meeste gevallen ontstonden bij vrouwen jonger dan zestig jaar en binnen twee weken na de eerste dosis van de vaccinatie. Er is nog te weinig informatie over het mogelijk optreden van deze complicaties na toediening van de tweede dosis.

Verdachte symptomen

EMA verzoekt zorgmedewerkers en de mensen die het vaccin krijgen, alert te blijven op verdachte symptomen die binnen twee weken na het prikken ontstaan. EMA noemt: kortademigheid, pijn op de borst, zwelling in het been, aanhoudende buikpijn, neurologische symptomen zoals hevige hoofdpijn of zichtstoornissen en kleine puntbloedingen rond de plaats van de injectie. Bij het optreden van deze symptomen moeten mensen direct medische hulp zoeken.

Er zouden intussen ook drie meldingen over het ontstaan van trombose bij EMA zijn binnengekomen na vaccinatie met het Janssen-vaccin.

Bron: Skipr 210407

dinsdag 6 april 2021

OMT: ’Derde golf bijna voorbij’

De derde golf lijkt korter en minder hevig te worden dan eerder gevreesd. 

Volgens een nieuwe voorspelling lijkt de piek op de intensive care al over twee weken te worden bereikt, eerder dan Jaap van Dissel voorspelde.

Van Dissel vertelde in de Tweede Kamer eerder nog dat de derde coronagolf tot begin mei aan kracht zou blijven winnen, maar een nieuwe prognose, enkele dagen geleden opgesteld, ziet er veel gunstiger uit, melden meerdere OMT-bronnen aan het Parool.

Half april zouden 800 coronapatiënten op de IC liggen. Dat lijkt de piek te gaan worden – een piekje.

Op dit moment liggen er 730 mensen op de IC. Dat aantal zal dus nog ietsjes stijgen, maar ’code zwart’, waarbij mensen een bed moet worden geweigerd, lijkt er niet van te komen.

Bron:Welingelichte Kringen 210405

vrijdag 2 april 2021

Mantelzorgers weinig gewaardeerd door overheid

Mantelzorgers weinig gewaardeerd door overheid

Hoewel mantelzorgers veel waardering krijgen voor hun werk van de persoon voor wie ze zorgen, valt de waardering vanuit de overheid tegen. Een aanzienlijk deel heeft bovendien behoefte aan ondersteuning bij de zorg, maar de meeste mantelzorgers weten niet waar ze hulp kunnen vinden.

Onvoldoende

Dat blijkt uit het eerste Nationale Mantelzorgonderzoek, uitgevoerd in opdracht van Senior Service, een organisatie voor mantelzorgondersteuning. De waardering van de overheid voor het werk van mantelzorgers krijgt daarin een 'zware onvoldoende'. Een deel van de mantelzorgers zou graag een financiële tegemoetkoming krijgen of extra verlofuren van de werkgever. Een van de respondenten licht toe: 'Wij besparen de overheid veel geld, daar mag best wat tegenover staan.'

Schimmig

Ongeveer twee op de vijf mantelzorgers worden door professionele thuishulpen ondersteund. Tegelijkertijd zegt een even grote groep behoefte te hebben aan meer ondersteuning. Meer dan de helft van de mantelzorgers weet die hulp echter niet te vinden. 'Veel gemeenten doen hier schimmig over', aldus Floris Vervat, directeur van Senior Service. 'Mensen hebben geen idee dat ze professioneel kunnen worden ondersteund.'

Fulltime

Driekwart van de mantelzorgers verwacht dat de zorgvraag de komende jaren intensiever zal worden. Voor een deel van hen is de mantelzorg nu al een flinke taak. Een op de drie mantelzorgers is er dagelijks mee bezig. Voor een op de tien is de mantelzorg praktisch een fulltime baan: ze besteden er meer dan 36 uur per week aan. Ruim twee op de vijf ondervindt stress door het mantelzorgen, de helft daarvan ervaart zelfs regelmatig mentale klachten.

Bron: Binnenlands Bestuur 210330

donderdag 1 april 2021

Corona amper nog overdraagbaar na vaccin

Nieuw onderzoek: corona amper nog overdraagbaar na vaccin, RIVM opgetogen

Een hoopgevende studie van het CDC, het Amerikaanse RIVM. Uit de resultaten blijkt dat het er naar uitziet dat mensen die zijn ingeënt, het coronavirus over het algemeen niet meer bij zich kunnen dragen. Dat betekent dat zij anderen dus ook nauwelijks kunnen besmetten. Het RIVM noemt dit 'goed nieuws'.

De studie van het Centers of Disease Control and Prevention is gedaan onder bijna 4000 mensen die één of twee prikken van Pfizer of Moderna hebben gehad. Deze groep mensen hebben tussen half december en half maart iedere week een coronatest gedaan.

Eén prik van een vaccin van Pfizer of Moderna vermindert de kans op besmetting met 80 procent. De tweede inenting verhoogt de bescherming naar 90 procent.

Eerder kon nog niet worden bewezen dat vaccinatie tegen corona iemand ook niet langer besmettelijk maakt. Op de website van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) staat dan ook: "Vaccinatie beschermt jou tegen ziekte door corona, maar we weten nog niet of iemand die gevaccineerd is toch het virus kan verspreiden."

Maar uit deze studie blijkt dat niemand in deze studie van drie maanden positief getest is op het coronavirus. Ze droegen het virus ook niet bij zich, stelt CDC-baas Rochelle Walensky. "En dat zien we niet alleen in klinische onderzoeken, maar ook in de 'echte wereld'."

Immunoloog Cécile van Els van het RIVM noemt dit in een reactie 'goed nieuws'. "Het lag in de lijn der verwachting. Er waren al aanwijzingen dat vaccinatie helpt tegen de overdracht van het virus. Dat wordt nu bevestigd in 'real- life'-onderzoek. Er moet nog vervolgonderzoek komen, maar dit is al zeer hoopgevend."

Van Els zegt dat dergelijke resultaten te verwachten zijn bij de vaccins van AstraZeneca en Janssen. "Maar dat onderzoek moet nog worden afgerond."

Gisteren bleek uit een onderzoek van Pfizer en BioNTech dat hun coronavaccin veilig en effectief is bij kinderen in de leeftijd van 12 tot 15 jaar. De groep die het vaccin toegediend kreeg, raakte niet besmet met het coronavirus.

Geen infectie

Aan het onderzoek deden 2260 kinderen in de Verenigde Staten mee. De helft kreeg het vaccin, de andere helft een placebo. In de laatste groep werden 18 besmettingen vastgesteld. De ingeënte kinderen liepen geen infectie op, wat volgens de bedrijven aantoont dat hun vaccin 100 procent effectief is bij deze leeftijdsgroep.

Er wordt ook gemeld dat de kinderen het vaccin goed konden verdragen en de bijwerkingen overeenkwamen met die van de leeftijdsgroep 16 tot en met 25 jaar.

Bron: RTL 210401

woensdag 31 maart 2021

RIVM slaat alarm

RIVM slaat alarm: ‘Alle wijzers in het rood’

Het aantal coronabesmettingen is afgelopen week met 13 procent toegenomen. Wat het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) betreft staan “alle wijzers in het rood”. De afgelopen zeven dagen kwamen bij het instituut in totaal 51.866 meldingen binnen over positieve coronatesten. Dat is het hoogste aantal sinds begin januari. Toen was sprake van een dalende trend, nu stijgt het aantal coronagevallen al weken op rij.

Procentueel is de toename van de laatste week iets lager dan een week eerder, toen het RIVM 16 procent meer besmettingen rapporteerde.

Grootste toename

De sterkste toename van het aantal besmettingen (plus 19 procent) noteerde het RIVM onder mensen van 70 tot en met 79 jaar. Thuiswonenden uit deze groep lopen het virus weer vaker op. Het aantal besmettingen per 100.000 inwoners ligt wel hoger in alle leeftijdscategorieën onder de 70 jaar.

Jongvolwassenen (18-24 jaar) vormen nog steeds de groep met de meeste coronagevallen. In hun leeftijdscategorie kwam er 17 procent bij. Per 100.000 inwoners zijn 422 positieve coronatesten afgenomen. In verpleeg- en verzorgingshuizen nam het aantal nieuwe coronagevallen juist af. Onder mensen boven de 80 jaar viel de stijging met 5 procent ook relatief mee. Dat is voor een deel te danken aan de vaccinaties.

Meer testen

Opnieuw lieten meer mensen zich testen in de afgelopen week. De GGD’en namen ruim 552.000 coronatesten af, een stijging van 6 procent. Ook het aantal mensen dat met Covid-19 is opgenomen in het ziekenhuis nam weer iets toe. Het waren er 1578, 65 meer dan een week eerder. Op de intensive cares bleef het aantal opnames met 317 ongeveer gelijk.

Het zogeheten reproductiegetal, dat weergeeft hoe snel het coronavirus zich verspreidt, is juist een fractie gedaald van 1,11 naar 1,07. Dit getal is gebaseerd op de situatie van 15 maart. Een reproductiegetal van 1,07 betekent dat 100 besmette mensen op hun beurt 107 anderen aansteken. In de afgelopen week werden 171 aan coronagerelateerde sterfgevallen geregistreerd, 52 minder dan een week eerder.

Het RIVM roept mensen op zich ook tijdens het mooie lenteweer dat de komende dagen wordt verwacht, aan alle voorzorgsmaatregelen te houden. “Houd ook als het zonnetje schijnt 1,5 meter afstand tot anderen, blijft thuis als je klachten hebt, laat je testen (bij klachten) en was je handen.” (ANP)

Bron: Skipr 210330

zaterdag 27 maart 2021

Corona: wanneer val je in een risicogroep?

De overheid, het RIVM en GGD’en spreken vaak over risicogroepen bij corona: mensen die een verhoogd risico hebben op een ernstig verloop van de ziekte of op overlijden. Maar wanneer behoor je tot een risicogroep?

Dat 70-plussers een grotere kans hebben om ernstig ziek te worden of te overlijden door corona, is breed bekend. Maar er zijn ook volwassenen met onderliggende aandoeningen die ernstig ziek kunnen worden door corona. Niet iedere hartpatiënt valt echter onder een risicogroep en ook niet iedere diabetespatiënt of patiënt met COPD wordt gezien als kwetsbaar. Hoe zit dat?

Dit zijn de risicogroepen

Mensen met chronische luchtweg- of longproblemen, zoals COPD, vallen alleen onder een risicogroep als ze onder behandeling van een longarts zijn. Heb je COPD en ben je alleen onder behandeling van je eigen huisarts, dan word je niet gezien als kwetsbaar voor corona. Alleen chronische hartpatiënten die daardoor in aanmerking komen voor een griepprik, zijn een risicogroep. En dan zijn er nog deze groepen gedefinieerd:
  • Mensen met diabetes die er slecht aan toe zijn en/of met complicaties;
  • Mensen met een nierziekte die moeten dialyseren of wachten op een niertransplantatie;
  • Mensen met een verminderde weerstand tegen infecties doordat zij medicijnen gebruiken voor een auto-immuunziekte;
  • Mensen die een orgaan- of stamceltransplantatie hebben ondergaan;
  • Mensen met een verminderde weerstand doordat ze weerstand verlagende medicijnen nemen;
  • Kankerpatiënten tijdens of binnen drie maanden na chemotherapie en/of bestraling;
  • Mensen met ernstige afweerstoornissen waarvoor zij behandeling nodig hebben van een arts;
  • Mensen die geen milt hebben, of een milt die niet functioneert, lopen geen extra risico op ernstige Covid-19, maar wel op een mogelijke (secundaire) infectie met pneumokokken;
  • Mensen met een hiv-infectie die (nog) niet onder behandeling zijn van een arts of met een hivinfectie met een CD4 getal onder <200/mm2.;
  • Mensen met een ernstige leverziekte;
  • Mensen met zeer ernstig overgewicht.

Het RIVM maakt onderscheid tussen medische risicogroepen die jaarlijks in aanmerking komen voor griepvaccinatie en medische hoog-risicogroepen zoals vastgesteld door de Gezondheidsraad. De medische hoog-risicogroepen komen eerst aan de beurt en pas later komen de overige medische risicogroepen in aanmerking voor een prik tegen corona.

Uitnodigingen voor mensen met slecht afweersysteem

In de week van 15 maart 2021 zijn de eerste uitnodigingen verstuurd naar mensen van wie het immuunsysteem niet goed werkt. Dit zijn patiënten met een hematologische maligniteit (bepaalde bloedkankers), patiënten met ernstig nierfalen, patiënten na orgaan-, stamcel-, of beenmergtransplantatie, patiënten met een ernstige aangeboren afweerstoornis.

Alle patiënten die vallen onder deze categorieën en die de afgelopen 18 maanden een poliklinisch consult bij hun medisch specialist hebben gehad, zijn door hun ziekenhuis uitgenodigd voor een coronavaccinatie. De medisch specialist maakt de selectie op basis van de opgestelde criteria. Mensen die in meerdere ziekenhuizen onder behandeling zijn, kunnen een dubbele uitnodiging hebben gekregen. Zij mogen kiezen waar ze gevaccineerd willen worden.

Aangetaste ademhaling

Patiënten met neurologische aandoeningen bij wie de ademhaling is aangetast, hebben een ook uitnodigingen ontvangen. Zij kunnen een afspraak maken met het ziekenhuis. Een deel van de mensen met een neurologische aandoening is niet mobiel genoeg om naar het ziekenhuis te komen voor een vaccinatie. Hen wordt in de uitnodiging gevraagd zich te melden bij een centraal meldpunt. Zij worden dan meegenomen in de vaccinatie van de groep niet-mobiele thuiswonende ouderen, die vanaf eind maart aan huis gevaccineerd worden.

Overige kwetsbare patiënten

Op dit moment ontbreekt wetenschappelijk bewijs van een sterk verhoogd risico op ernstige corona voor andere groepen patiënten dan hierboven genoemd. Het doel is om zo veel mogelijk mensen te vaccineren en om ernstige ziekte en sterfte verminderen, aldus het RIVM. Het is, ook vanwege de schaarste van vaccins, niet mogelijk om individuele uitzonderingen te maken op de vaccinatiestrategie.

Door: Nationale Zorggids 210323
Bronnen: Gezondheidsraad, RIVM, Rijksoverheid

vrijdag 26 maart 2021

Wanneer stopt de lockdown?

 Voorlopig tot 1 juni een complete lockdown?



N.B. Dit is een ‘scenarioberekening’ waarvan nog maar moet blijken of die uitkomt. Er zitten verschillende veronderstellingen in, van hoe goed het vaccin werkt tot hoe hoog de derde golf precies wordt, die kunnen leiden tot heel andere uitkomsten. En uit de berekening blijkt ook dat de timing nauw moet worden genomen: iets te snel maatregelen loslaten, en er komt een nieuwe golf.

Bron RIVM 210326

vrijdag 19 maart 2021

Mantelzorg is niet gratis

Mantelzorg is niet gratis: de waarde is 22 miljard per jaar


De maatschappelijke kosten van mantelzorgers zijn voor het eerst berekend: 22 miljard euro. Dat is een netto bijdrage aan onze maatschappij. Dat voordeel is niet gratis. De tijd die mantelzorgers stoppen in het zorgen voor een ander zijn zij bijvoorbeeld niet beschikbaar voor de arbeidsmarkt. Uitval van een mantelzorger leidt al gauw tot hogere maatschappelijke kosten. Hen ondersteunen loont, blijkt uit onderzoek van Ecorys, in opdracht van MantelzorgNL
In totaal besteedden in 2019 vijf miljoen mantelzorgers 1,5 miljard uren aan mantelzorg. Dit komt overeen met 850.000 full time arbeidsjaren. De genoemde 22 miljard euro bestaat uit: 20 miljard ureninzet en 1,8 miljard euro aan financiële kosten, zoals reiskosten.
Wanneer we daarbij meer en meer van mantelzorgers gaan vragen, zonder hen daarbij goed te ondersteunen is eenvoudig uit te rekenen dat de uiteindelijke kosten hoger zullen zijn.

Mantelzorg is niet gratis

Als mantelzorgers niet zouden zorgen, dan zou die tijd hen iets anders opleveren zoals loon uit arbeid, kennis via opleiding of geestelijk en lichamelijk gezond blijven door ontspanning.
Liesbeth Hoogendijk, bestuurder MantelzorgNL:
Mantelzorg lijkt misschien gratis, maar dit onderzoek toont aan dat het dat niet is. Op de arbeidsmarkt kost ons dit arbeidskrachten. Dit gemis van krachten zal met de toenemende vergrijzing alleen maar stijgen. Wanneer we daarbij meer en meer van mantelzorgers gaan vragen, zonder hen daarbij goed te ondersteunen is eenvoudig uit te rekenen dat mantelzorg uiteindelijk niet gratis is.

Ongekende waarde van mantelzorg

Het onderzoek laat de ongekende waarde zien van de inzet van mantelzorgers in Nederland.
Want als mensen niet voor hun naasten zouden zorgen, bedragen de kosten voor de maatschappij 32 tot 44 miljard euro. De maatschappelijke kosten om een mantelzorger door een zorgprofessional te laten vervangen, zijn namelijk 70% tot 100% hoger.
Dit onderstreept het maatschappelijke belang van mantelzorg en daarmee het belang om in hen te investeren, met name om overbelasting en risico op uitval te voorkomen.

Mantelzorgondersteuning loont

Uitval van mantelzorger voorkomen kan door het ondersteunen van mantelzorgers. Bijvoorbeeld met respijtzorg waarbij de mantelzorger de zorg even kan overdragen om op adem te komen. Of met de inzet van een mantelzorgmakelaar die alle regeltaken van een mantelzorger tijdelijk overneemt. De kosten van deze twee interventies worden al terugverdiend indien een week uitval van een mantelzorger wordt voorkomen. Zo blijkt uit het onderzoek dat bij inzet van respijtzorg de baten bij een werkende mantelzorger tot 1000,- euro hoger kunnen zijn dan de kosten van respijtzorg. Voor de ondersteuning van een mantelzorgmakelaar is dit 500,- euro . Het positieve effect van mantelzorgondersteuning op de kwaliteit van leven van de mantelzorger is niet in geld uit te drukken en dus niet meegenomen in de berekening. Echter, levensvreugde is zeker niet minder belangrijk.

Vervolg onderzoek

Dit onderzoek laat zien wat de in geld uit te drukken waarde is van mantelzorg. Het laat echter niet zien wat de prijs is van sommige mantelzorgsituaties die geestelijk zwaar zijn. Door bijvoorbeeld altijd ‘aan te staan’, of ‘degene zijn die voor rust en troost zorgt’.
We weten nog veel niet. Daarom doen wij een oproep aan de wetenschap, om meer onderzoek te doen. Dit komt de ondersteuning van mantelzorgers ten goede en uiteindelijk ook de maatschappij als geheel.

Meer informatie

Factsheet De waarde van Mantelzorg in cijfers

woensdag 17 maart 2021

Wanneer gevaccineerd

Rijksoverheid:  Visual wie wanneer gevaccineerd



Afbeelding wat klein, kijk zelf bij de Rijksoverheid

zondag 14 maart 2021

5 trends in wonen voor ouderen

5 trends in wonen voor ouderen

1.Collectief wonen

We zien een groei van allerlei vormen van collectief wonen. Soms nemen ouderen zelf het initiatief voor het opzetten van een woongemeenschap, zoals de bewoners van het Boekhuis in Amersfoort. Soms is het een andere partij zoals projectontwikkelaar Blauwhoed die Park Entree in Schiedam realiseerde of corporatie Waterweg Wonen die in Vlaardingen een bruisend wooncomplex voor 55-plussers creëerde.

2. Aanpassingen eigen omgeving

Ten tweede zien we meer woonvormen ontstaan waar mensen niet meer voor hoeven te verhuizen. Zo is Stichting Statiegeld op Jeugd in het vergrijsde dorp Son en Breugel bezig met het idee om grote woningen kadastraal te splitsen. De ouderen blijven op de benedenverdieping wonen en de jongeren boven. Denk ook aan het gespikkelde wonen zoals woongroep Couwenhoven in Zeist doet. Twintig bewoners wonen verspreid over zes verdiepingen van een flat en vormen een woongroep met elkaar. 

3. Gemengde woonvormen

Gemengde woonvormen zijn met een opmars bezig. Zoals het woonproject DeBuurt in Utrecht waar maatschappelijk gebiedsontwikkelaar AM samen met andere organisaties werkt aan een complex met 343 huurwoningen van middeldure huur voor starters en ouderen met en zonder zorgvraag. Het wordt een plek waar mensen kunnen wonen, werken, ontmoeten en ontspannen. In het complex zijn woningen voor een diverse groep variërend van ouders met kinderen met autisme tot woningen voor ouderen met een migratieachtergrond en dementie.

In Utrecht zijn meer gemengd-wonen-projecten te vinden zoals MIXIT en LIVIN van corporatie Mitros en Place2BU van corporatie Portaal. In deze projecten krijgen kwetsbare mensen de mogelijkheid om, onder begeleiding, te wonen met mensen die niet tot de kwetsbare doelgroep behoren.

4. Omzien naar elkaar

We zien diverse woonvormen waarbij het omzien naar elkaar een grote rol speelt. Bewoners wonen niet zomaar in het complex en zijn meer dan goede buren. LIFE in Amsterdam is daar een voorbeeld van. In LIFE zijn 59 vrije sector huurappartementen voor betrokken 50-plussers te huur. Als je er wilt wonen, is het belangrijk dat je open- minded bent naar andere culturen en ook bijdraagt aan de sociale cohesie. Bijvoorbeeld door anderen te helpen met klusjes, het geven van taalles aan de buurvrouw of tekenles geven als vrijwilliger bij Cordaan.

5. Zorgcommunities

Als vijfde trend zien we verfrissende concepten ontstaan zoals het Butterfly effect waarbij kleine huisjes, de ‘tiny houses’ verhuurd worden aan vrijwilligers, familieleden, cliënten en zorgverleners op het terrein van de zorginstelling. Zo bouwen ze aan zorgzame gemeenschappen.

Of de ontwikkeling van de empathische woning waarbij het huis de taken van de mantelzorger overneemt door technische snufjes. Projecties, licht- en geluidssignalen helpen ouderen met dementie in zulke woningen met hun ritme. Wat voor de meeste woonvormen geldt: ze vergen in alle opzichten onderhoud. Soms is professionele begeleiding nodig om de community levendig te houden. Contacten gaan namelijk niet altijd vanzelf. Ook is het belangrijk om teleurstellingen te voorkomen door goede voorlichting en het helder krijgen van verwachtingen.

Grootste knelpunten

We moeten zorgen dat er meer woonvormen komen. Hierbij vormen geschikte locaties en financiering de twee grootste knelpunten. Gelukkig is daar vanuit de landelijke Taskforce Wonen en Zorg aandacht voor. Initiatiefnemers laten hierdoor niet afschrikken, want er ontstaan al veel mooie woonvormen. Wel is het nodig dat het bijbehorende proces in de nabije toekomst wat makkelijker gaat. Want de urgentie is er!

Over ZorgSaamWonen

ZorgSaamWonen is het landelijke platform voor de maatschappelijke opgaven op het gebied van wonen, zorg en welzijn. Denk hierbij aan ontwikkelingen als het groeiende aantal ouderen, het oplopende personeelstekort in de zorg en de afname van de beschikbaarheid van mantelzorgers. ZorgSaamWonen verbindt hierbij het fysieke en het sociale domein.

Meer lezen

14 woonvormen tussen thuis en het verpleeghuis

Bron: Beter Oud 210308

vrijdag 12 maart 2021

Daling in de sterfte zet door

 Daling in de sterfte zet door in week 9




In week 9 (1 tot en met 7 maart 2021) overleden naar schatting bijna 3100 mensen. Dat zijn minder sterfgevallen dan verwacht voor deze periode en bijna 100 sterfgevallen minder dan in de week ervoor (3175). Vooral de sterfte onder mensen van 80 jaar of ouder nam af. Ook onder Wlz-zorggebruikers daalde de sterfte verder. Dat meldt het CBS op basis van de voorlopige sterftecijfers per week.

Sinds week 39 van 2020 was de wekelijkse sterfte hoger dan verwacht. In week 7 was de sterfte ongeveer gelijk aan de verwachte sterfte voor deze periode en in week 8 lag de sterfte eronder. De schatting van de sterfte in week 9 zit bijna 300 sterfgevallen onder de verwachte sterfte voor deze periode. Het RIVM registreerde 171 overleden COVID-19-patiënten in week 9 (stand 9 maart).

Sterfte bij Wlz-zorggebruikers neemt verder af

De sterfte bij mensen die zorg ontvingen in het kader van de Wet langdurige zorg is verder afgenomen in week 9. De sterfte onder de overige bevolking nam ook verder af. Er overleden ruim 1 100 Wlz-zorggebruikers, zoals bewoners van verpleeghuizen en gehandicaptenzorginstellingen. In de overige bevolking overleden bijna 2 000 mensen.

Verdere afname sterfte bij 80- plussers

In week 9 overleden naar schatting minder mensen van 80 jaar of ouder. Sinds week 6 ligt de sterfte in deze leeftijdsgroep lager dan verwacht. Er overleden naar schatting ruim

1 700 mensen van 80 jaar of ouder, ongeveer 950 mensen van 65 tot 80 jaar en ongeveer 400 mensen jonger dan 65 jaar.

Bron CBS 210312

zondag 7 maart 2021

Bijwerkingen van corona-vaccins





Hoofdpijn en spierpijn meest gemelde bijwerkingen van corona-vaccins


Als we Agnes Kant, de directeur van het Nederlands bijwerkingencentrum Lareb, eind februari bellen zijn net de laatste cijfers bekend. Lareb heeft tot dan toe 5.068 meldingen ontvangen over vermoedens van bijwerkingen door coronavaccins. ‘De bereidheid om mogelijke bijwerkingen te melden is ontzettend groot’, vertelt Kant, ‘en dat is heel goed. Zeggen dat je niets verontrustends hebt gevonden, heeft alleen maar waarde als je goed gezocht hebt.’

Hoeveel meldingen zijn er gedaan?

‘Op dit moment zijn er ongeveer 900.000 vaccins gegeven. Hierover zijn 5.068 meldingen gedaan en door Lareb bekeken, met 24.031 vermoede bijwerkingen. Het merendeel van de meldingen (4.716) gaat over het Pfizer/BioNTech-vaccin, omdat dat tot nu toe het meest is toegediend. Een klacht die gemeld is, hoeft trouwens niet altijd een bijwerkingen van het vaccin te zijn. De klacht kan ook door iets heel anders zijn ontstaan.’

Is dat veel, ruim 5.000 meldingen?

‘De bereidheid om mogelijke bijwerkingen te melden is erg groot onder gevaccineerden, maar ook onder zorgverleners. Wij zijn daar ook blij mee. Je kunt wel zeggen dat je niets verontrustends hebt gevonden, maar zo’n uitspraak heeft alleen maar waarde als je goed gezocht hebt. Het aantal meldingen zegt overigens niets over hoe vaak een bijwerking echt voorkomt. Omdat we dat wel willen weten, loopt er nu ook een onderzoek waarin we groepen gevaccineerden volgen en iedereen vragen wat ze wel of niet merken. Dan kan je straks zeggen: kijk, bij dat vaccin heeft 10% last van hoofdpijn, bij dat andere vaccin 20%.’

Wat voor bijwerkingen zijn gemeld?

‘De meest gemelde bijwerkingen zijn spierpijn (2.744), hoofdpijn (2.513) en reacties op de prikplek, zoals pijn (2.209), zwelling (865) en warmte (785). Ook klachten zoals je niet lekker voelen (2.363), vermoeidheid (2.278), rillingen (1.577), misselijkheid (1116) en koorts (1058) zijn vaak gemeld. Dit zijn bekende klachten bij alle vaccins. Deze klachten passen ook bij de werking van de coronavaccins. De vaccins stimuleren in het lichaam de afweer tegen het coronavirus. Bij de meeste mensen verlopen de klachten mild en gaan ze na een paar dagen over.’

Hoeveel meldingen van allergische reacties zijn er?

‘Bij 27 meldingen waren er klachten die passen bij een heftige allergische reactie bij het vaccin van Pfizer/BioNTech. Bij negen van deze meldingen is de anafylactische reactie ook vastgesteld. Bij de achttien andere meldingen waren er symptomen die bij een anafylactische reactie kunnen passen. Alle patiënten zijn snel en adequaat behandeld en hersteld. Heftige allergische reacties na een vaccinatie zijn zeldzaam, maar niet uit te sluiten. 27 op de grofweg 900.000 gegeven vaccins is wel meer dan wat we meestal bij andere vaccins zien.’

Zijn er ook overlijdens gemeld?

‘Tot nu toe zijn er 65 meldingen van overlijden na vaccinatie met coronavaccins. Het gaat om 55 mensen van 80 jaar en ouder en tien mensen tussen de 65 en 80 jaar. Zij overleden binnen 26 dagen na de vaccinatie. Ik wil hier wel duidelijk over zijn. Overlijden ná vaccinatie wil niet zeggen dat het overlijden is veroorzaakt dóór de vaccinatie! In Nederland overlijden normaal per week gemiddeld zo’n 750 tot 800 verpleeghuisbewoners. Hier zullen ook mensen bij zijn die net daarvoor zijn gevaccineerd. We zijn immers begonnen met vaccineren van de oudste en kwetsbaarste groep.

Alle mensen van de meldingen hadden een kwetsbare gezondheid vanwege heel uiteenlopende, ernstige onderliggende gezondheidsproblemen, al dan niet in combinatie met een hoge leeftijd. Bij een groot deel zijn die onderliggende gezondheidsproblemen de meest voor de hand liggende verklaring voor het overlijden. Een aantal mensen kregen in de dagen na vaccinatie klachten die bekend zijn als bijwerkingen, zoals koorts, misselijkheid en algemeen niet lekker voelen. Deze klachten zijn niet de oorzaak van overlijden, maar kunnen bij kwetsbare ouderen mogelijk wel bijgedragen hebben aan verslechtering van hun al fragiele gezondheidstoestand.’

Bent u verontrust?

‘Het beeld van de klachten na de vaccinatie en de onderliggende gezondheidsproblemen is in de meldingen heel divers. Als we een patroon zouden ontdekken zou dat verontrustend zijn, maar dat patroon zien we niet. Maar we gaan het uiteraard wel tot de naad uitzoeken om hier nog zekerder van te zijn. Om nog beter inzicht te krijgen in de oorzaak van overlijden, de opgetreden bijwerkingen en de rol van mogelijke andere onderliggende gezondheidsproblemen heeft Lareb meer informatie opgevraagd bij de melders. Daarmee zullen we – ook in overleg met externe medische adviseurs – de meldingen grondig onderzoeken.’

Wat moeten ouderen doen die twijfelen over vaccinatie?

‘Voor de overgrote meerderheid van de ouderen weegt het risico op eventuele bijwerkingen op tegen het verminderd risico om ernstig ziek te worden door corona. Er overlijden immers nog steeds heel veel mensen aan corona. De gezondheid van kwetsbare ouderen is soms een fragiel evenwicht. Mensen die al zeer kwetsbaar zijn door ernstige onderliggende gezondheidsproblemen kunnen het beste met hun huisarts of geriater overleggen wat in hun geval de beste keuze is.’

Bron KBOPCOB 210305

donderdag 4 maart 2021

PGB-zorgverleners ook coronabonus

Ook pgb-zorgverleners kunnen nu coronabonus krijgen


Pgb-houders kunnen vanaf 1 maart de coronabonus voor hun zorgverleners aanvragen. Tot nog toe was er voor deze zorgverleners geen mogelijkheid om aanspraak te maken op de coronabonus. Budgethouders krijgen een brief van uitvoeringsorgaan SVB met instructies om dit te regelen. Belangenbehartiger Per Saldo reageert verheugd. ‘Dit is het moment om je zorgverleners te belonen.’

De zorgbonus kan worden aangevraagd door mensen die hun persoonsgebonden budget ontvangen vanuit de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, de Jeugdwet en de Wet Langdurige Zorg. Pgb-zorgverleners binnen de Zorgverzekeringswet komen nog niet in aanmerking. Voor deze groep komt er in een later stadium meer duidelijkheid over de coronabonus.

Uitzonderlijke prestatie

Er zijn wel voorwaarden aan de zorgbonus verbonden. Zo moet de zorgverlener een uitzonderlijke prestatie hebben geleverd tijdens de eerste coronagolf dus tussen 1 maart en 1 september 2020. “Vaak hebben zij zich streng aan de maatregelen gehouden en weinig of geen contact met anderen gehad om zo zorg aan jou te kunnen blijven geven”, stelt Per Saldo. “Ze hebben misschien meer uren gewerkt omdat andere zorgverleners ziek waren of niet konden komen. Zo zijn er meer voorbeelden te bedenken waarom jij voor je zorgverlener een zorgbonus wil aanvragen.”

Mantelzorgers

Het is niet mogelijk om de zorgbonus aan te vragen voor familieleden of naasten. Helaas, vindt Per Saldo. “Vaak hebben zij wel heel veel zorg opgevangen als je zorgverleners door besmetting, quarantaine of uit bescherming voor zichzelf niet konden komen. En we zien dat ook nu nog steeds gebeuren. Dat geldt ook voor alle mantelzorgers. We vinden dat hiervoor ook erkenning en waardering moet komen. We hebben ons hiervoor vanaf het begin ingezet en blijven dat doen.”

In mei 2020 vroeg Per Saldo zich al af waarom er geen financiële bijstand was door de overheid voor pgb- gefinancierde initiatieven. Woon- en ouderinitiatieven die getroffen zijn door het coronavirus kampten met leegstand door overlijden of bewoners die tijdelijk bij familie gaan wonen. Tegelijkertijd zorgde de onzekere tijd niet voor nieuwe bewoners. Voor pgb-gefinancierde initiatieven had dit grote financiële gevolgen.

Onafhankelijk

Het ministerie van VWS laat weten dat met de voorwaarden van de pgb-bonusregeling zoveel mogelijk is aangesloten bij de bonusregeling uit 2020 waarbij zorginstellingen een bonus konden aanvragen voor hun zorgprofessionals. “Ook in die bonusregeling was het belangrijk dat de uitzonderlijke prestatie zo onafhankelijk mogelijk wordt beoordeeld. Dit komt erop neer dat het niet wenselijk is dat de zorgverlener een pgb-zorgbonus voor zichzelf aanvraagt. In de pgb-zorgbonusregeling zijn daarom voor de zorgverlener vergelijkbare voorwaarden opgenomen. Dit betekent dat het niet mogelijk is een pgb- zorgbonus aan te vragen voor zorgverleners die met een overeenkomst van opdracht met familie (partner, ouders, kinderen) zorg verlenen of door zorgverleners die ook zelf vertegenwoordiger zijn van de budgethouder. Op deze manier wordt zo onafhankelijk mogelijk beoordeeld of een zorgverlener in aanmerking komt voor de zorgbonus.”

Voor het aanvragen van de pgb-zorgbonus heeft VWS een handreiking gepubliceerd.

Bron Skipr 210304

vrijdag 26 februari 2021

Zorgpersoneel houdt ‘hart vast’

Zorgpersoneel houdt ‘hart vast’ na versoepelingen

De druk op de zorg is al tijden hoog en de verwachting is dat die belasting alleen maar hoger zal worden. Dat zeggen beroepsverenigingen voor verpleegkundig en verzorgend personeel NU’91 en V&VN. Beide organisaties “houden hun hart vast” voor de aangekondigde versoepelingen in het coronabeleid.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) sprak dinsdagmiddag al van een begin van de “derde golf” in coronabesmettingen. Op die waarschuwing volgde ’s avonds de aankondiging van het kabinet om de middelbare scholen weer deels te openen, bijna alle contactberoepen weer toe te staan en de leeftijdgrens voor het sporten in de buitenlucht op te schroeven naar 27 jaar.

Voorzichtigheid

“We zagen de komst van de derde golf al een tijdje aankomen door verschillende uitbraken van het virus in zorginstellingen”, zegt NU’91. “We zijn al langer bezig met voorbereidingen op een ‘code zwart-scenario’, het bereiken van de maximale zorgcapaciteit op de ic- afdelingen”, vertelt V&VN. Beide beroepsorganisaties snappen dat er vanuit de samenleving behoefte is aan versoepelingen en hopen vurig dat iedereen voorzichtig omgaat met de pas verkregen extra vrijheden. “Anders leveren we die snel weer in.”

Ouderen

Ook Verenso, de vereniging van specialisten ouderengeneeskunde, houdt rekening met code zwart. De organisatie zegt in die situatie de medische zorg voor alle opgenomen patiënten in verpleeghuizen en kleinschalige woonvormen terug te brengen tot de minimale noodzakelijke basiszorg. Het gaat dan vooral om patiënten met Covid-19 in alle fases, maar ook patiënten zonder de besmetting.

Verzuim groeit

Het ziekteverzuim onder zorgpersoneel gaat volgens NU’91, V&VN en Verenso de verkeerde kant op. Niet alleen omdat verzorgend personeel nog steeds besmet raakt met het coronavirus, maar ook uitgeput is. “Het verzuim groeit”, ziet V&VN. “Verzorgers presteren al tijden op de toppen van hun kunnen en lopen op het tandvlees”, aldus NU’91. (ANP)

Skipr 210225

donderdag 25 februari 2021

Update begrijpelijke voorlichting coronavirus

Voorlichting over vaccinaties tegen corona – in 13 talen

Waarom zijn 2 prikken nodig? Is het veilig? Wie krijgt wel een prik en wie niet? En waarom? Pharos kreeg deze en andere vragen over vaccinaties via zorg- en welzijnsorganisaties en van mensen rechtstreeks. Ook vroegen we de Taalambassadeurs van Stichting ABC naar hun vragen. Wij leggen ze in begrijpelijke taal uit, voorzien van illustraties.

De Nederlandstalige voorlichting is gebaseerd op informatie van Rijksoverheid.nl en het CBG. De tekst en plaatjes zijn getest op begrijpelijkheid samen met taalambassadeurs van Stichting ABC.
De voorlichting is beschikbaar in 13 talen. Je kunt hem bekijken als webversie, geschikt voor bijvoorbeeld mobiele telefoons. En als printversie om uit te delen of op te hangen.

Nederlands
Arabisch
Chinees (traditioneel)
Chinees (vereenvoudigd) Engels
Farsi
Frans
Papiaments
Pools 
Somalisch 
Spaans 
Tigrinya 
Turks

De printversies van deze informatie staan in het overzicht met voorlichting over corona

woensdag 24 februari 2021

Derde golf

RIVM ziet nu daadwerkelijk ‘derde golf’

Met een gemiddeld aantal nieuwe besmettingen van meer dan vierduizend golf is er een einde gekomen aan de gestage daling van het aantal coronabesmettingen. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) spreekt dan nu ook van een “derde golf”.

Het RIVM heeft 4420 nieuwe coronabesmettingen geregistreerd tussen dinsdag- en woensdagochtend. Dat is in lijn met het weekgemiddelde. In de afgelopen zeven dagen noteerde het instituut gemiddeld 4426 positieve coronatesten per dag. Dinsdag werden volgens gecorrigeerde cijfers 3834 gevallen gemeld, maandag 4201. Daarmee is de daling van de laatste tijd nu echt ten einde. Het aantal positieve testresultaten nam vorige week toe met 19 procent. Het RIVM spreekt dan ook van een “derde golf” in de coronapandemie.

Sterfte stijgt

Het aantal gemelde sterfgevallen door Covid-19 steeg afgelopen etmaal met 63. Dat wil niet zeggen dat al deze mensen in een periode van 24 uur zijn overleden. Sterfgevallen worden soms pas na een tijdje doorgegeven. Dinsdag werden 94 overlijdens geregistreerd.


Regio’s

Zoals meestal telde Amsterdam van alle gemeenten het hoogste aantal positieve coronatesten: 201. Daarna volgt Den Haag met 100 nieuwe gevallen. In Rotterdam kwamen 91 besmettingen aan het licht, in Tilburg 81 en in Helmond 64. Op regionaal niveau spant Utrecht de kroon met 344 positieve testresultaten, daarna volgen Midden- en West- Brabant met 323 gevallen en Hollands-Midden met 259 besmettingen.

Bron Skipr 210224

vrijdag 19 februari 2021

Sterftecijfer blijft dalen

Sterftecijfer blijft dalen, voor het eerst sinds september geen oversterfte meer


In de tweede week van februari zijn ongeveer 3.400 mensen overleden. Dat zijn er ongeveer evenveel als verwacht voor die periode. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vrijdag op basis van de voorlopige sterftecijfers van de week van 8 tot en met 14 februari 2021 en data uit voorgaande jaren. Voor het eerst sinds september 2020 is er geen sprake meer van oversterfte. De week ervoor overleden nog 3.600 mensen, zo’n 150 meer dan in die periode van het jaar gebruikelijk is.


De sterfte nam vooral onder 80-plussers af en ook onder mensen jonger dan 65 jaar was een kleine afname te zien. Volgens data van het RIVM gaat het bij 293 van de overledenen om patiënten met Covid-19.

Sinds de derde week van september was de wekelijkse sterfte in Nederland hoger dan verwacht. In de tweede golf van de corona-epidemie overleden tot en met 7 februari 2021 ruim 71.000 mensen, dat zijn er 9.700 meer dan je in deze periode zou verwachten.

Bron NRC 210219

donderdag 18 februari 2021

Nieuwste zorgwekkende coronavariant

Nieuwste zorgwekkende coronavariant al opgedoken in 14 landen

De nieuwste coronavariant die op een zorgwekkende manier is gemuteerd, is inmiddels aangetroffen in veertien landen, zo blijkt uit een internationaal overzicht dat onderzoekers van onder meer de Universiteit van Edinburgh bijhouden. Nederland wordt daar nog niet op vermeld, maar variant B.1.525 is ook hier al twee keer ontdekt.
De landenlijst maakt duidelijk dat de virusvariant zich al wereldwijd verspreidt: van Australië tot de Verenigde Staten en van Ghana tot België. Hij is in totaal nu 142 keer aangetoond.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) meldde eerder dat de bewuste versie van het virus is gevonden in de regio’s Rotterdam-Rijnmond en Limburg Noord. Het instituut doet nog nader onderzoek, net als onder meer de Britse en Deense gezondheidsdiensten.

Wat “extra alarmerend” is aan variant B.1.525, is dat hij een mutatie bevat die ook zit in andere problematische versies van het virus, zoals de Zuid-Afrikaanse en Braziliaanse varianten, zegt een woordvoerder van het RIVM. “Deze mutatie lijkt van invloed te zijn op de werking van de huidige generatie vaccins”, aldus de woordvoerder. Het ziet ernaar uit dat in deze varianten het zogeheten spike-eiwit dusdanig is veranderd, dat de stekeltjes van het virus zich beter aan menselijke cellen kunnen vastklampen. De mutatie die dat veroorzaakt, wordt aangeduid als E484K. Een gemuteerde versie van de wijdverbreide Britse variant heeft dezelfde verandering ondergaan. Deze variant is tot nog toe één keer aangetroffen in Nederland. Variant B.1.525 is ook nog op een andere manier gemuteerd. Die verandering wordt aangeduid als F888L.

De nieuwe mutant is het vaakst gedetecteerd in het Verenigd Koninkrijk, 44 keer. In Denemarken is hij nu 35 keer gemeld, in Nigeria 29 keer, in de VS 12 keer en in Frankrijk 5 keer. Verder is de mutant onder meer opgedoken in België en Ghana. Dat de meeste gevallen in het Verenigd Koninkrijk zijn gevonden, wil niet zeggen dat deze variant daar echt het vaakst voorkomt. In het land worden coronamonsters massaal onderworpen aan genetisch onderzoek. Sinds deze variant werd ontdekt zijn al 85.000 monsters op deze manier geanalyseerd. In Nigeria is dat bijvoorbeeld maar met 125 monsters gedaan.

Volgens het RIVM is de nieuwe variant voor het eerst gemeld in Denemarken. De meldingen die de Schotse onderzoekers bijhouden, laten zien dat hij daar in een monster van 11 januari werd aangetroffen. Een Brits monster dat is gedateerd op 15 december bleek de nieuwe virusversie echter ook al te bevatten, net als een Nigeriaans monster van 29 december. De monsters die in Nederland positief bleken op de nieuwe versie van het virus zijn twee à drie weken geleden afgenomen, aldus de RIVM-woordvoerder. (ANP)

Skipr 210218

woensdag 17 februari 2021

Ouderen verstoken van Wmo-hulp




Ouderen verstoken van Wmo-hulp in noodlijdende gemeentes


Uren huishoudelijke hulp die nog verder worden teruggeschroefd of hulp die geregeld helemaal niet komt opdagen. Daarmee krijgen mensen te maken die via de Wmo ondersteuning in het huishouden krijgen. In acht op de tien Nederlandse gemeentes dreigt dit jaar een begrotingstekort. De gevolgen hiervan voor de Wmo zijn te zien in Meldpunt op vrijdag 19 februari om 19.20 uur bij MAX op NPO 2.

Elly Tammer (73) uit Bunnik kan vanwege reuma en een hernia al jaren haar huis niet zelf schoonhouden. De Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) regelt dat zij hiervoor enkele uren per week huishoudelijke hulp krijgt. Voordat deze taak in 2015 van het Rijk naar de gemeentes ging, kreeg ze 6 uur per week hulp. Haar gemeente schroefde dat terug naar 3,5 uur. Elly Tammer: “Vroeger deed de hulp ook nog wel eens een boodschap of hielp ze met andere kleine klusjes of met het eten, maar dat is allemaal wegbezuinigd.”

Nu dreigt de gemeente Bunnik, die kampt met financiële tekorten, de hulp van mevrouw Tammer nog eens met een half uur te korten. Particuliere hulp inschakelen is voor mevrouw geen optie omdat zij hiervoor niet de financiële middelen heeft.

Ook thuiszorgaanbieders merken dat de uitvoering van de Wmo nijpender wordt. In steeds kortere tijd moeten medewerkers een huis ‘schoon en leefbaar’ houden, terwijl de zorg alleen maar intensiever en complexer wordt. “Je bent behalve de hulp ook de oren en ogen achter de voordeur”, zegt Stephanie Siemons (43) die wekelijks bij mevrouw Van Rees (82) schoonmaakt. “Sommige mensen zijn eenzaam en dan mag je niet eens een koekje aannemen. Of mensen vertonen de eerste kenmerken van dementie. Dat is complexe zorg waar je niet op de minuut kan rekenen.’’

Over de uitholling van de Wmo en de financiële problemen van gemeentes spreekt Elles de Bruin door met Jan Minartz, thuiszorgkoepel SPOT (Samenwerkende Professionele Organisaties Thuis- en woonzorg) en met Wmo-jurist Kevin Wevers.

60 Plus Reizen

Veel vakanties kunnen vanwege corona niet doorgaan. Reisorganisaties moeten de reissom dan terugbetalen. Maar bij 60 Plus Reizen betalen klanten honderden euro’s annuleringskosten. Vorig jaar besteedde Meldpunt aandacht aan deze reisorganisatie, die bij geen enkel garantiefonds is aangesloten. Opnieuw komen er klachten binnen, zoals die van Coby Bosch (72). Haar cruise over de Rijn werd verplaatst van november 2020 naar maart 2021. En nu maart dichterbij komt, mag mevrouw kiezen: de reis door laten gaan of verplaatsen naar het najaar. Maar reizen wordt door de overheid afgeraden en mevrouw wil niet langer uitstellen maar haar geld terug. Het reisbureau ziet dat als een annulering en rekent 463,20 euro annuleringskosten. MAX Ombudsman Jeanine Janssen haalt verhaal.

MAX: Meldpunt
Vrijdag 19 februari om 19.20 uur op NPO 2 Presentatie: Elles de Bruin


dinsdag 16 februari 2021

De beste tijd, dag en maand om vrijwilligers te werven

Uit onderzoek bleek dat vrijwilligersorganisatie in Heemkerk management-ondersteuning vragen. Hierbij een bijdarage:




De beste dag, tijd en maand om vrijwilligers te werven

Stel: je hebt de perfecte vrijwilligersvacature geschreven. Wat is dan de volgende stap? Wat is de beste dag en tijd om ‘m op ons platform te plaatsen om zeker te zijn van maximaal bereik? Het zou zonde zijn als je de hulpvraag niet plaatst wanneer vrijwilligers aan het zoeken zijn!

Op ons matchingsplatform NLvoorelkaar zijn dagelijks duizenden mensen op zoek naar iets wat bij hen past. Maar het moment waarop ze dat doen verschilt van dag tot dag en maand tot maand. Misschien heb je wel een gut feeling wanneer de meeste vrijwilligers zoeken naar een nieuwe klus: in het weekend, in de vakantie of in het najaar? Een tipje van de sluier: een van deze beweringen klopt en de anderen niet...

In dit blog lees je hoe je een op data gefundeerd besluit kunt maken over wanneer je jouw vrijwilligerswerk vacature het beste online kunt zetten. Hiervoor hebben we het zoekverkeer en de connecties die vrijwilligers maken op ons matchingsplatform geanalyseerd. Natuurlijk is er geen magische uurtje om vrijwilligers te werven. Maar de gepresenteerde analyse kan je helpen om de vrijwilligers die via ons platform zoeken beter te begrijpen. En dat kan je weer helpen bij nét dat beetje extra bereik.

In navolging van het Amerikaanse onderzoek waarop dit blog is geïnspireerd, hebben we drie interessante inzichten op een rijtje gezet:

De beste tijd: 10.00 – 12.00 uur

Wellicht verrassend: vrijwilligers blijken met name op kantoortijden in te loggen: tussen 09.00 en 15.00 uur logt 50% van de vrijwilligers in. Ook het website bezoek vertoont, niet onverwacht, hetzelfde patroon. Rond 11.00 uur zien we zowel een piek in website bezoekers als inloggende vrijwilligers, dit is de ‘spits’ tijd. Opvallend is dat we in het websitebezoek ook een klein piekje zien tussen 20.00 en 22.00 uur, maar dat deze piek niet resulteert in vrijwilligersactiviteit (inloggen).

Op NLvoorelkaar staan 26.000+ hulpvragen online. Deze hulpvragen worden standaard gesorteerd op datum. Maar let op: het gaat niet om de datum waarop de vacature geplaatst is, het gaat om de datum waarop de vraagplaatser voor het laatst heeft ingelogd. Zo ‘weten’ we dat een vacature nog actueel is – want voor een vrijwilliger is niks zo vervelend als een vrijwilligersvacature al vervuld blijkt!Daarnaast kan de vrijwilliger uiteraard zelf zoekcriteria toepassen: plaats, interesse, hoe vaak etc. Maar dan nog is vaak de lijst met vacatures lang en is het dus gunstig om bovenaan te staan. Zorg daarom dat je jouw vrijwilligersvacature rond 10.00 online hebt staan (of als ie al online staat: dat je even ingelogd hebt), zodat de grootste groep vrijwilligers jouw vacature ziet staan.


Andersom geredeneerd: plaats je vrijwilligersvacature liever niet na 15.00 en zeker niet tussen 22.00- 06.00 uur. De kans is groot dat op het moment dat de grootste groep vrijwilligers online op zoek gaat, jouw vrijwilligerswerk vacature inmiddels in het overzicht naar beneden is gezakt en minder vaak of snel gezien wordt.

De beste dag van de week: dinsdag

Zoals je het nieuwe jaar met een goed voornemen begint, zo beginnen blijkbaar ook veel mensen de week met het voornemen om iets goeds voor een ander te doen. Dit zijn de beste dagen op het gebied van vrijwilligers activiteit (registreren en/of inloggen):

1. Dinsdag
2. Maandag
3. Woensdag
4. Donderdag/Vrijdag 5. Zondag
6. Zaterdag

Maandag en dinsdag zijn overduidelijk het meest populair om op zoek te gaan naar vrijwilligerswerk. Zowel het websitebezoek als de activiteit van vrijwilligers vertoont een piek op deze weekdagen. De dinsdag blijkt nog iets meer actiegericht dan de maandag: hoewel het sitebezoek op beide dagen hoog is, is


het aantal vrijwilligers dat die dag in actie komt op dinsdag het hoogst. Ruim 22% van de vrijwilligers logt dan in, meer dan dubbel zoveel als op zaterdag (9%)!

Plaats bij voorkeur je vrijwilligerswerk vacatures niet op zaterdag. Dan zijn er weinig sitebezoekers én weinig actieve vrijwilligers. Fijn, want dan kun je zelf ook lekker weekend houden. Verrassend genoeg is donderdag ook geen topdag. Want hoewel het sitebezoek dan hoog is (na maandag en dinsdag het hoogst) en er ook redelijk wat vrijwilligers registreren, zijn er op die dag weinig vrijwilligers die inloggen (vergelijkbaar met de zondag: 12%).

De beste maand: najaar

Het najaar blijkt overduidelijk de beste tijd van het jaar om nieuwe vrijwilligers te werven. De piek zit in oktober: in deze maand zijn er de meeste websitebezoeken, nieuwe vrijwilligers én vindt er de meeste vrijwilligersactiviteit plaats. In september is er meer websiteverkeer dan in november, maar in november is er meer vrijwilligersactiviteit dan september. Een interpretatie: vrijwilligers oriënteren zich in september en oktober op vrijwilligerswerk en committeren zich vervolgens in oktober en november.

Januari is na het najaar ook een interessante maand voor het werven van vrijwilligers. Niet alleen wordt er georiënteerd, er wordt ook daadwerkelijk ingeschreven. De nieuwjaarsvoornemens worden in de praktijk gebracht!

Vakanties zijn duidelijk geen favoriet moment om te zoeken of starten met vrijwilligerswerk. Met name juni, juli en augustus zijn op alle fronten onder gemiddeld: er melden zich bijvoorbeeld 33% minder vrijwilligers aan dan in oktober. Ook de krokusvakantie en lentevakantie zijn geen top periodes voor werving. Het aantal nieuwe vrijwilligers dat zich registreert is dan laag. Maart is echter een positieve uitzondering: mogelijk door events als NLdoet.

Betekent dat dan dat je die maanden niks moet doen? Zeker niet, want tot 33% minder vrijwilligers betekende in 2018 dat er alsnog bijna 800 vrijwilligers zich aanmelden. Tel daar de andere >35.000 vrijwilligers op NLvoorelkaar bij op en er zijn eigenlijk altijd potentiële vrijwilligers die bij jou aan de slag kunnen!

We hopen dat deze data bijdraagt aan jouw wervingsplan om meer vrijwilligers te enthousiasmeren iets moois te doen voor diegenen die het nodig hebben. Heel veel succes!

Kijk op: NLvoorElkaar

zondag 14 februari 2021

Leefstijlgeneeskunde

De kolder van de leefstijlgeneeskunde


Half maart kwam ik voor het eerst bij Jaap Goudsmit, voor een spoedcursus vaccins, een mini virologie-opleiding en een kort college diagnostiek. Hij zat zelf vol vragen, heel gerichte vragen. Zijn instructies, over waar ik op moest letten, wat ik moest lezen en wie ik moest volgen, bleken een groot geschenk. Afgelopen week verscheen zijn boek Vrij van corona en nu kan iedereen dezelfde spoedcursus volgen, inclusief een aantal antwoorden op de vragen die hij toen had.

Over het post-coronatijdperk en onze omgang met volgende pandemieën gingen we in debat, samen met filosoof Marli Huijer, met wie ik het dolgraag beschaafd oneens ben. Ik verscheen virtueel vanuit de leprakolonie die mijn huis was geworden. We hadden het onder meer over één korte alinea in het boek, waar Goudsmit begint over leefstijl en concludeert dat „het altijd goed is om veel te lopen en je loopsnelheid omhoog te brengen. Zo ben je beter voorbereid op een pandemie in de toekomst”.

Huijer was enthousiast en opperde prompt om de avondklok te vervangen door een verbod op gemotoriseerd verkeer, zodat mensen niet anders konden dan lopen, waardoor ze gezonder werden en ze beter beschermd waren tegen ernstige Covid.

Niet geheel toevallig is Huijer fervent wandelaar en zoals dat wel vaker met leefstijlgewoontes gaat, ziet zij dat wandelen niet als iets waar zij zelf plezier aan beleeft, maar vindt zij dat dat ook voor de gezondheid van anderen bijzonder belangrijk is. Uiteraard is er weinig bewijs dat specifiek deze extreem saaie vorm van lichaamsbeweging enig voordeel boven andere vormen biedt, maar dat schijnt niet zo belangrijk te zijn in de leefstijlgeneeskunde.

Heus, de huidige nadruk op leefstijl is terecht. Er is steeds meer effectieve no-nonsense begeleiding en preventie draagt een enorme belofte in zich, ook als het gaat om Covid. Veel risicofactoren voor ernstige Covid-19 zijn te voorkomen en soms te verhelpen door gezonder te leven. Overigens lijkt dat bij morbide obesitas vaak om een uitzondering te gaan. Zeker morbide obesitas valt vooral te voorkomen – en minder vaak langdurig te genezen met gezond eten en beweging. Voor de meerderheid komt het neer op nutteloze zelfkwelling en helpt uiteindelijk alleen bariatrische chirurgie. Deze mensen krijgen terecht voorrang bij het vaccineren.

Toch zitten er enorme zwakke plekken in de ijsvloer van de leefstijlgeneeskunde. Telkens weer verschijnen de favoriete hobby’s van de hoogopgeleide en welvarende culturele elite prominent in het palet van de gezondheidsbevorderende activiteiten die onderdeel zouden moeten worden van de Nederlandse leefstijl. Mensen weten toevallig de eigen veganistische, boeddhistisch, atletische of culinaire levensstijl als de beste te bestempelen.

Wandelen als heilzame bezigheid is er een van. Yoga en mindfulness een ander. Chronische stress moet worden vermeden. En dat doe je door uren per week in stilte je vooral te concentreren op het Grote Niets.

De leefstijlwebsites staan bijna zonder uitzondering vol kolder over het ‘vergroten van je emotionele intelligentie’ door meditatie. Vijfmaal daags met volle aandacht en in aanbidding voor Allah en zijn profeet jezelf op de grond werpen (je zou het kunnen zien als een goed alternatief voor yoga en mindfulness) zouden de meesten van ons een tamelijk verontrustende en een onwenselijke levensstijl-suggestie vinden, maar de nihilistische, individualistische, atheïstische variant op dat gebed wordt probleemloos gepropageerd.

Mindfulness wordt bovendien wederom ingezet om het probleem van chronische stress te verleggen naar de persoon die het ervaart. Schulden, een gestoorde werkdruk, onzekerheden omtrent baan en huis, het is allemaal secundair. Wanneer je je aandacht gewoon verlegt naar het niets, gaat al die chronische stress vanzelf op in het niets. Right.

Leefstijlgeneeskunde blijft schimmig gebied. Dat is zonde, want een gezonder Nederland is een rijker Nederland in alle opzichten. Om echt geloofwaardig, acceptabel en effectief voor heel Nederland te zijn, dient de leefstijlgeneeskunde zich zo snel mogelijk te ontdoen van alle vervuilende dogma’s en hobby’s en van alle vertroebelende rituelen en verzinsels. Alleen dan kan ze tot de kern komen.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.

NRC 210213

donderdag 11 februari 2021

Hoe te kiezen bij de verkiezingen?

 Wat zou U kiezen?

Wegwijzers genoeg:

Verkiezingswijzer  Anbo

Op 17 maart zijn er weer verkiezingen voor de Tweede Kamer. ANBO is er klaar voor. U ook? En weet u al op welke partij u gaat stemmen? ANBO heeft de verkiezingsprogramma’s voor u uitgeplozen en de - voor ons - belangrijkste zaken en standpunten op een rijtje gezet. Kies wijzer met onze verkiezingswijzer! 
Klik op  Anbo's verkiezingswijzer 

Position paper Anbo

Daarnaast vindt u  ook Anbo's zogeheten ‘position paper’. Daarin geven ze concrete, dringende adviezen aan landelijke politieke partijen als het gaat om de belangen van hun leden. Hierbij draait het om drie hoofdthema’s: inkomen (onder andere pensioen, belasting en toeslagen), gezondheid (waaronder wijkgerichte zorg) en wonen. Klik op Anbo's Position Paper.

Of Stemwijzer?

Klik op Stemwijzer


zaterdag 6 februari 2021

Verplicht op internet

 Senioren zijn het zat!

Negen van de tien internetloze (91%) en de helft (46%) van de online senioren zijn het over één ding eens: zij zijn het zat dat ze meer en meer verplicht worden om van alles via internet te doen. Dit blijkt uit onderzoek van seniorenorganisatie KBO-PCOB. Bijna alle senioren vinden daarom ook (98% offline senior, 94% online senior) dat bedrijven en overheden altijd een alternatief moeten bieden voor mensen zonder internet.

Ook ziet een deel (60% offline/45% online) met lede ogen aan dat corona door bedrijven en overheden gebruikt wordt om alles alleen nog via internet te doen. Marcel Sturkenboom, directeur KBO-PCOB: “Digitalisering is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Het kan niet zo zijn dat mensen worden uitgesloten omdat ze geen of maar beperkt internet gebruiken. Daar moeten overheden en bedrijven rekening mee houden.”

Senioren die geen internet gebruiken geven in de meeste gevallen aan dat ze dat te moeilijk en te ingewikkeld vinden. Andere veel genoemde redenen zijn de onveiligheid van internet, omdat ze te oud zijn of er geen geschikte apparatuur voor hebben. Een kleine groep senioren (16%) zal online gaan als ze een cursus krijgen. Maar bijna de helft (48%) van de offline senioren geeft aan nooit te zullen internetten.

Problemen

Ruim de helft (53%) van de senioren die niet online zijn, is weleens in de problemen gekomen doordat ze geen internet hebben. Bijvoorbeeld bij het zoeken naar informatie, bij het doen van betalingen en bankzaken, bij het maken van afspraken met overheid en gemeente, bij de belastingaangifte en bij het maken van afspraken met zorgverleners.

Online senioren

De meeste senioren die wel van het wereldwijde web gebruik maken, doen dat vrijwel dagelijks (90%). Gemiddeld zijn senioren 2,5 uur per dag online. Het liefst maken ze dan gebruik van een tablet (28%), gevolgd door een desktop (25%), laptop (24%) en smartphone (21%). Het meest gebruikt men internet voor e-mailen. Verder voor internetbankieren, (nieuws)informatie opzoeken, contact onderhouden met familie en vrienden, gebruik maken van overheidsdiensten zoals de Belastingdienst, en het versturen en bekijken van foto’s.

Internet wordt bijna niet gebruikt om dagelijkse boodschappen te bestellen en voor domotica (zoals de verwarming aanzetten, gas- en elektriciteitsgebruik meten).

Onderzoek

Aan dit onderzoek hebben 3.713 Nederlandse senioren meegedaan, zowel online (N=2.814), als offline senioren (N=899). De leeftijd van de groep online respondenten is gemiddeld 74 jaar. De leeftijd van de groep offline respondenten is gemiddeld 81 jaar.

Bron KBO-PCOB 210131